Een toenemend aantal bedrijven in opkomende landen neemt duurzaamheid uiterst serieus. Daarbij zetten ze de toon voor de concurrentie in ontwikkelde landen. Niet alleen goed nieuws voor het milieu, maar ook voor beleggers.

Papierproducent Fibria Celulose maakt de productie elk jaar duurzamer. Hulpstoffen als water en energie worden zo efficiënt mogelijk gebruikt. Al eerder besloot de producent geen pulp uit oerbossen te gebruiken voor de productie van het papier. Daarmee laat de Braziliaanse papiermaker de concurrentie uit onder andere Finland en de Verenigde Staten achter zich. Het bedrijf maakt deel uit van een groeiend aantal bedrijven in opkomende economieën* dat opmerkelijk duurzaam opereert. Onderzoek van RobecoSAM bevestigt dit. De in duurzame beleggingen gespecialiseerde vermogensbeheerder toetst jaarlijks de duurzaamheid van beursgenoteerde bedrijven wereldwijd.

Inhaalslag
In de laatste zes jaar verdubbelde het aantal ondernemingen uit opkomende markten in het RobecoSAM Yearbook. In 2009 waren 19 ondernemingen opgenomen, de uitgave in 2014 bevat 48 ondernemingen. Bovendien gaan steeds meer van de medailles die RobecoSAM uitreikt aan bedrijven die het best presteren binnen hun sector, naar bedrijven uit opkomende economieën.

Steeds meer bedrijven in opkomende economieën maken een grote inhaalslag op het gebied van duurzaamheid. Ze maken daarbij gretig gebruik van de – goede en slechte - ervaringen uit de westerse wereld. Bijvoorbeeld door direct te kiezen voor duurzame energiebronnen in plaats van fossiele brandstoffen. Ook doen vele hun voordeel met succesvolle casestudies uit voormalige opkomende economieën. Voorbeeld van die laatste is de Zuid-Koreaanse retailketen Lotte Shopping dat uiterst energiezuinige winkels heeft met onder andere zonnepanelen op de daken.

Andere criteria
Nu in veel opkomende markten de laatste tien jaar de politieke en economische stabiliteit is toegenomen, kijken steeds meer (professionele) beleggers naar de investeringsmogelijkheden. Op hun beurt beseffen steeds meer bedrijven dat een duurzame bedrijfsvoering met aandacht voor milieu en goede arbeidsvoorwaarden ze meer aantrekkelijk maakt voor aandeelhouders. De duurzame inspanningen van de bedrijven zijn volgens de onderzoekers van RobecoSAM daardoor steeds beter vergelijkbaar met die van bedrijven uit ontwikkelde landen. De vermogensbeheerder meet duurzaamheid aan de hand van diverse criteria op het gebied van milieu, arbeidsvoorwaarden en eerlijke bedrijfsvoering. Voor bedrijven in opkomende landen is er op het gebied van milieubeleid nog veel te doen. Ook al omdat veel van de bedrijven bezighouden met de – milieubelastende - winning van grondstoffen. Op het gebied van arbeidsomstandigheden loopt een aantal bedrijven in met name Brazilië en Taiwan voorop. Een voorbeeld is het Braziliaanse financiële conglomeraat Itaúsa dat meer dan andere financials in het menselijk kapitaal investeert. Onder andere door geavanceerde systemen die de persoonlijke en carrière-ontwikkeling van de medewerkers van de diverse bedrijven binnen de groep in kaart brengen en ondersteunen. Daarnaast maakt het bedrijf de financiële dienstverlening ook beschikbaar voor cliënten met een laag inkomen en geeft het ondernemers toegang tot microkredieten. Al vijf jaar achter elkaar slaagt het bedrijf erin zijn 127 concurrenten binnen de financiële industrie op duurzaamheid te verslaan.

* RobecoSAM onderscheidt twintig landen als opkomende economieën: Brazilië, Chili, China, Colombia, Tsjechië, Egypte, Hongarije, India, Indonesië, Maleisië, Mexico, Marokko, Peru, Filipijnen, Polen, Rusland, Taiwan, Thailand, Turkije en Zuid-Afrika.