Robeco gebruikt cookies om het websitebezoek te analyseren, om informatie via social media te kunnen delen en om de inhoud van de site en advertenties af te stemmen op uw voorkeuren. Door op akkoord te klikken of verder te gaan op deze site stemt u hiermee in. Meer informatie en cookie-instellingen aanpassen.

AKKOORD

Door verder te gaan heeft u toestemming gegeven voor het plaatsen en uitlezen van cookies op deze website. Meer informatie en cookie-instellingen aanpassen.

Waarom gaan de pensioenen niet of nauwelijks omhoog?

Waarom gaan de pensioenen niet of nauwelijks omhoog?

18 sep 2018 | Pensioen1219 views

De economie doet het wereldwijd goed en ook de aandelenmarkten presteren al jaren uitstekend. Toch hebben veel Nederlandse pensioenfondsen het moeilijk. Hoe komt dat en wat kun je zelf doen?

Wie aan het werk is, heeft meestal weinig zin om veel na te denken over zijn pensioen. Vroeger was dat meestal ook niet nodig, want de Nederlandse pensioenfondsen deden het altijd goed. Ze lieten de pensioenen keurig meegroeien met de inflatie. Van kortingen was al helemaal geen sprake. Die tijden zijn al meerdere jaren voorbij. Waarom veel pensioenfondsen het zo moeilijk hebben, verschilt van geval tot geval. Toch zijn er wel wat algemene redenen voor hun lastige positie.

Kies je einddatum
Bepaal je maandelijkse inleg
Wij doen de rest
ONTDEK ROBECO LIFE
Beleg op een eenvoudige manier voor later
Robeco LIFE
Ontvang €25,- startgeld
ONTDEK ROBECO LIFE
Beleg op een eenvoudige manier voor later
Robeco LIFE
Ontvang €25,- startgeld

Demografische ontwikkelingen

Een van de belangrijkste redenen voor de problemen van pensioenfondsen, is de demografische ontwikkeling in Nederland. We worden steeds ouder, waardoor we ook langer pensioen krijgen. De gemiddelde leeftijd waarop Nederlanders overlijden, is opgelopen van 71,4 jaar in 1980 naar 78,4 jaar in 2017 volgens het CBS. Dit betekent dat de gemiddelde resterende levensverwachting van iemand op een pensioenleeftijd van 65 jaar ruimschoots is verdubbeld van 6,4 naar 13,4 jaar. Pensioenfondsen moeten dus veel langer geld uitkeren dan in het verleden.

De uitgaven nemen toe, maar dat geldt niet per se voor de inkomsten van pensioenfondsen. De verhouding tussen het aantal werkenden en het aantal gepensioneerden verschuift als gevolg van vergrijzing. In 1960 waren er voor elke gepensioneerde nog bijna 7 mensen aan het werk. Tegenwoordig zijn er nog maar drie premiebetalende werkers voor elke gepensioneerde. Het effect van vergrijzing wordt slechts voor een deel gecompenseerd doordat ouderen langer doorwerken en dus ook langer pensioenpremie afdragen. In 2000 stopten Nederlanders gemiddeld met 60,8 jaar met werken. Tegenwoordig is die leeftijd opgeschoven naar 64,4 jaar.

Lage rente

Om de pensioenen te kunnen betalen, heffen pensioenfondsen premies. Die premies beleggen ze, zodat ze daar een bepaald rendement op kunnen halen. Het overgrote deel van het pensioenvermogen wordt geïnvesteerd in veilige beleggingen, zoals Nederlandse en Duitse staatsobligaties. Het rendement van deze leningen ligt echter zeer laag. Het beleid van de Europese Centrale Bank is er namelijk op gericht om de economie te stimuleren via het drukken van de rente, onder meer via het opkopen van obligaties. 

De vraag ligt voor de hand waarom pensioenfondsen dan niet meer gaan beleggen in aandelen, die al circa tien jaar flink stijgen. Pensioenfondsen mogen echter niet te veel risico nemen. Daarom beleggen ze maar een beperkt deel van hun vermogen in aandelen, die vaak een stuk riskanter zijn dan renteproducten zoals obligaties.

Dreigende kortingen in 2020 en 2021

Volgens cijfers van De Nederlandsche Bank (DNB) is de situatie voor pensioenfondsen in de eerste helft van 2018 verbeterd. Toch zijn er volgens de gegevens van DNB nog grote problemen. Zo voldoen enkele van de grootste pensioenfondsen niet aan de zogenaamde dekkingsgraad. Dat is een verplichte minimumnorm, die bestaat uit de verhouding tussen het eigen vermogen en de pensioenverplichtingen. Volgens DNB dreigen voor 42 pensioenfondsen met bijna 10 miljoen deelnemers, kortingen in 2020 en 2021 (bron: DNB, 31 juli 2018). 

Of deze fondsen die kortingen kunnen vermijden, hangt behalve van beleggingsresultaten vooral ook af van de ontwikkeling van de rente. Om de dekkingsgraad te berekenen, wordt namelijk aan de hand van de rekenrente de huidige waarde van toekomstige verplichtingen becijferd. Naarmate de rente hoger ligt, neemt ook de verwachte omvang van het toekomstige vermogen toe. Het ABP maakte onlangs bekend dat een rentestijging met een procentpunt naar leidt tot een verbetering van de dekkingsgraad met 12%. Behalve een rentestijging kan ook een akkoord over een nieuw pensioenstelsel voldoende lucht geven om kortingen te voorkomen. De regering voert al enige tijd overleg met vakbonden, werkgevers en pensioenfondsen over de ontwikkeling van een systeem waarin werknemers meer inspraak krijgen over hun pensioenopbouw en -uitkering. 

Zelf pensioen opbouwen?

Wil je beleggen voor je pensioen, omdat je huidige pensioenregeling misschien onvoldoende is? Kijk dan eens naar de mogelijkheden van Robeco LIFE. Je stort dan maandelijks een bedrag, dat onze experts voor je beleggen. Tegelijk behoud je alle vrijheid, want je kunt je inleg op ieder moment aanpassen of stoppen. Starten kan al met een inleg van € 50 per maand. Voordat je begint met beleggen is het wel zaak om er zeker van te zijn dat je voldoende buffer hebt voor onverwachte tegenvallers en dat je bereid bent om risico te lopen met je vermogen.
Onderwerpen gerelateerd aan dit artikel