De aanpassing van de vermogensrendementsheffing per 1 januari 2017 is al weer een tijdje ‘oud nieuws’, maar wel de moeite van het oprakelen meer dan waard. Want menig spaarder en belegger wordt erdoor geraakt.

De Belastingdienst gaat er in de regeling die volgend jaar ingaat, van uit dat spaarders en beleggers een hoger rendement behalen naarmate hun vermogen groter is. Daardoor worden met name spaarders en beleggers met vermogens vanaf EUR 75.000 geraakt. Het veronderstelde, fictieve rendement van 4% op het vermogen, dat tot nu toe gold, wordt daarmee losgelaten.

Drie schijven

Het heffingsvrije vermogen voor partners bedraagt in 2017 EUR 50.000. Voor het vermogen dat hier bovenuit komt, gaan drie schijven gelden in box 3. Tot EUR 75.000 belastbaar vermogen gaat de fiscus uit van een rendement van 2,91%. Tussen de EUR 75.000 en EUR 975.000 is het forfaitair rendement 4,69%. Boven de EUR 975.000 rekent de Belastingdienst met een rendement van 5,5%. Het belastingtarief (30%) blijft gelijk.

Rendement naar rato?

De afschaffing van het fictieve rendement van 4% voor alle spaarders en beleggers en het invoeren van een getrapt systeem wordt door lang niet iedereen als fair en logisch gezien. Waarom zou je immers per definitie een hoger rendement behalen als het bedrag waarmee je spaart of belegt, hoger is? Hoe zit het dan met het risico dat je – bewust of onbewust – loopt?

Werkelijk behaalde rendement belasten

Het wachten is daarom op een belasting die het werkelijk behaalde rendement uit vermogen – waarin bijvoorbeeld ook het risico tot uitdrukking komt - als heffingsgrondslag heeft. Staatssecretaris Wiebes heeft op Prinsjesdag gezegd dat zo'n belasting mogelijk is, met uitzondering van het rendement op onroerend goed. Bij onroerend goed zou het niet goed mogelijk zijn om banken en andere financiele dienstverleners de benodigde data aan de Belastingdienst te laten leveren.

Weinig haast

Wiebes heeft echter weinig haast met de uitwerking van zijn voorstel en zegt dat nog veel onderzoek nodig is naar de haalbaarheid en uitwerking van de diverse varianten. Het belasten van de werkelijk behaalde rendement op sparen en beleggen zal dus nog wel even op zich laten wachten. Maar wie naar de langere termijn kijkt – en welke spaarder of belegger doet dat niet? – kan er wel alvast voorzichtig rekening mee houden.