Japan heeft zich weer in de kijker gespeeld. De nieuwe man van de Bank of Japan, Kuroda, heeft iedereen versteld doen staan met zijn plan om de ingeslapen economie te laten ontwaken. Hij pompt iedere maand USD 75 mrd in de economie door staatsobligaties op te kopen. Doel  is om met deze aankopen van zogeheten JGB’s de rente nog verder naar beneden te drukken en de prijzen in het land weer te laten stijgen. Want de Japanners zijn ten einde raad nu al meer dan twee decennia de economie futloos erbij ligt, de staatschuld tot bijna 250% bbp is gestegen en de prijzen dalen.

Oplossing voor binnenland heeft buitenlandse gevolgen
De centrale bankpresident heeft een binnenlandse oplossing voor een binnenlands probleem. Maar denk niet dat de gevolgen zich beperken tot het binnenland. Deze actie van de BoJ raakt nu en straks de financiële markten wereldwijd. Want nu Japanse institutionele beleggers en banken weten dat Kuroda hun afhelpt van hun JGB´s duwt hij hen ook naar het buitenland. Alle soorten vermogenscategorieën: van obligaties, aandelen tot valuta´s zijn gevoelig voor het opkoopprogramma van de BoJ. Want Kuroda zet groots in. Hij koopt bijna net zoveel als de USD 80 mrd die zijn Amerikaanse collega Ben Bernanke maandelijks opkoopt, terwijl zijn economie grofweg driemaal zo klein is als de Amerikaanse.

De opkoopoperatie werkt als epo voor financiële markten
Nu de BoJ ook een grote speler is in het naar beneden drukken van de rente zijn de angsten voor  oplopende rentes op korte termijn weggeëbd. En dat is te zien op de obligatiemarkten. De zogeheten quantitive easing is de epo op de financiële markten. Alle bewegingen gaan in eens harder, en sneller. Hoe moet je als belegger hiervan profiteren?

Zoeken naar rendement verandert in grijpen naar rendement
Na Kuroda’s aankondiging is het sentiment op obligatiemarkten omgeslagen van een ‘search for yield’ in een veel assertiever ‘grab for yield’.  Er komen miljarden beschikbaar die een weg zoeken vanuit de Japanse staatsobligaties naar andere vastrentende vermogenstitels. Maar naar wat?

Landen met een iets hoger risico zijn spekkoper
Opvallend is dat het geld niet direct stroomt naar de landen die als het meest kredietwaardig worden beschouwd, zoals Duitsland en Nederland. Vooral landen die een iets hoger risicoprofiel en hoger rendement hebben zijn in trek. De beleggers die Japan verlaten wijken uit naar landen in wat in jargon heet de semi-kern; tussen de kernlanden en de periferie. Dat verklaart de forse  koersstijgingen van landen als Frankrijk, België. Maar de effecten zullen breder voelbaar zijn: van de markt voor bedrijfsleningen tot schuld uitgegeven door opkomende markten. 

Koersen veranderen zonder dat er fundamenteel  iets  verandert
Laten we eens stilstaan bij wat er hier gebeurt. Neem Frankrijk. De koers van Franse obligaties stijgt en de rente daalt, maar wat is er die dag in Frankrijk gebeurd? Lag de Franse economie er opeens beter bij? Was de economie van het land fundamenteel gezonder geworden? Nee, op het moment dat Japan aankondigde met groot geschut te komen, was er geen macro-indicator die duidde op een versterking van de tweede economie van de eurozone.

Let op kapitaalstromen
En daarvan moeten we ons bewust zijn. Zoals je bij het zeilen niet alleen kijkt naar de kenmerken van je boot, maar vooral ook let op de wind, moet je nu als belegger niet alleen kijken naar de macrocijfers  van het land. Kapitaalstromen die los van de macro fundamenten staan, zetten de obligatiekoersen in beweging. Dat is nu in het bijzonder het geval, dankzij Kuroda. Hij heeft die kapitaalstromen op gang gebracht. Voor obligatiebeleggers is alles wat er in Japan gebeurt daarmee nu voor het eerst sinds in twintig jaar weer relevant geworden.

Kommer van Trigt is portfoliomanager van Rorento, het wereldwijde obligatiefonds van Robeco opgericht in 1974.

Dit artikel verscheen eerder op www.fd.nl