De koersen van aandelen en obligaties daalden na uitspraken van Fed-president Bernanke. Moeten we somber worden over de marktperspectieven nu de beëindiging van obligatie-aankoopprogramma’s dichterbij komt? Hoofdeconoom Léon Cornelissen ziet geen reden voor paniek.

Uitspraken van Ben Bernanke, de president van het Amerikaanse stelsel van centrale banken (de ‘Fed’) brachten nogal wat beroering teweeg. De aandelenmarkten lieten in eerste instantie forse verliezen zien, terwijl de als veilig bekendstaande obligatiemarkt eveneens schade opliep. Marktpartijen maakten uit Bernanke’s woorden op dat de obligatie-aankoopprogramma’s van de Fed eerder worden afgebouwd dan was gedacht. Voor aandelen is dit negatief omdat minder stimulansen vanuit de Fed nadelig zijn voor het economisch herstel en er minder geld op de markt komt. Voor de obligatiemarkt betekenen minder steunaankopen dat een belangrijke steun wegvalt. Maar is dit reden om somber te worden over de marktperspectieven?

Fed is te optimistisch over de economische groei
De vrees voor een snelle afbouw van het goedkope geld is doorgeslagen, vindt hoofdeconoom Léon Cornelissen. “De Fed gaat uit van een te optimistisch scenario voor de Amerikaanse economie. Centrale bankiers zijn beroepshalve tot optimisme veroordeeld, maar het herstel op de Amerikaanse arbeidsmarkt is minder goed dan het lijkt”.

“De cijfers schetsen een rooskleuriger beeld doordat steeds minder mensen zich nog laten registreren als werkzoekend”. Bovendien is de situatie in de rest van de wereld volgens Cornelissen niet gunstig: “De economische groei in de opkomende economieën vertraagt, in Japan hapert het herstel en in Europa kan de eurocrisis gemakkelijk opleven”.

“De Fed gaat uit van een te optimistisch scenario voor de Amerikaanse economie”

Aandelen blijven aantrekkelijk; gemengd beeld bij obligaties
De toegenomen onzekerheid pakt op de kortere termijn negatief uit, maar verder vooruitkijkend ziet Cornelissen geen aanleiding om de beperkte overweging in aandelen te herzien. Het rendement op staatsobligaties zal in de ogen van de hoofdeconoom achterblijven bij dat op risicovollere beleggingscategorieën, maar hij is niet heel somber.

De stijging van de rentetarieven op de kapitaalmarkt is in zijn ogen doorgeschoten, van een langdurige ‘bear market’ voor obligatiebeleggingen is geen sprake. Binnen obligaties heeft Cornelissen een voorkeur voor ‘high yield’, bedrijfsleningen die een relatief hoge rente bieden. “De ‘search for yield’ is nog niet ten einde, waardoor deze obligaties profiteren als de financiële markten weer wat meer tot rust komen”.