De meeste beleggingsdeskundigen zijn het erover eens dat met het jaar 2015 de beweeglijkheid van financiële markten is ingetreden. Een voorproefje daarvan maakten we begin oktober en december 2014 al mee: scherpe kortstondige koersdalingen met een even snel herstel. Dat was schrikken, de meeste beleggers waren dit niet meer gewend.

De grotere volatiliteit is een gevolg van het uiteenlopen van het monetaire beleid zoals dat door de centrale banken wordt gevoerd. In de VS en Groot Brittannië wordt een geldverkrappend beleid gevoerd door middel van renteverhogingen. In Europa en Japan nemen de centrale banken juist geldverruimende maatregelen. Naast de geldpolitiek van centrale banken die duidelijk al gevolgen voor de valutamarkten heeft, spelen geopolitieke kwesties een rol: wereldwijd zijn er veel conflicthaarden. In het recente verleden hebben we gezien dat dit effect heeft op de beweeglijkheid van koersen.

Nationale sport
Kortgeleden las ik in Het Financieele Dagblad dat deze nieuwe werkelijkheid bij zowel professionele als particuliere daghandelaren een geliefd gespreksonderwerp is. Van professionals begrijp ik dit, maar tegen anderen wil ik zeggen: pas op! Een citaat uit het artikel: ‘Handel in effecten lijkt wel een nationale sport geworden. Veel leuker dan het wachten op de megajackpot of de postcodekanjer in de loterij is het zelf aan de knoppen draaien.’ Ja, dan zijn we weer terug in de late jaren negentig, waarbij menig particuliere belegger juist door zelf ‘aan de knoppen te draaien’ de bietenbrug is opgegaan. Bovendien is de uitspraak een diskwalificatie van degenen die dagelijks beroepsmatig de vermogens van particuliere beleggers beheren.

Onzekerheid
Hogere marktvolatiliteit veroorzaakt meer verschillen in koersperformance en daarmee meer onzekerheid. Een actieve, dynamische verdeling over de verschillende beleggingscategorieën is essentieel. Het zijn de fondsmanagers en hun analisten die actief een beleggingsfonds beheren. Juist in wispelturige markten is het voor hen belangrijk om beter te presteren dan de index waarmee hun fondsen worden vergeleken. Passief beleggen, in indextrackers of indexbeleggingsfondsen, volstaat in volatiele markten niet. Je volgt immers uitsluitend de betreffende index. In beweeglijke markten wil je soms niet in alle aandelen van die index beleggen, maar wellicht alleen in groei- of defensieve aandelen. Als je bovendien in die gebieden van de wereld wilt investeren waar de kansen liggen en de minder aantrekkelijke gebieden wilt mijden, zul je ook actief met indextrackers aan de slag moeten. Voorzichtigheid is geboden: houd een kasreserve achter de hand om snel te kunnen reageren als zich nieuwe mogelijkheden aandienen. Naast op groei gerichte fondsen kan het nuttig zijn tijdig over te stappen naar fondsen die beleggen in aandelen met een lage beweeglijkheid; ‘low volatility’, ook wel: conservatieve aandelen. Je kunt dan het neerwaartse risico beperken. Wil je toch zelf op de beurs opereren, houd de politiek-economische ontwikkelingen in de gaten en reageer snel. Of juist helemaal niet…

Uitbesteden
Heb je niet de energie en de tijd om dit allemaal zelf te doen, ga dan voor een totale portefeuille-oplossing passend bij het persoonlijk risicoprofiel en de beleggingsperiode. Laat het dan aan de fondsmanager over om het beter te doen dan de markt.