De VIX bevindt zich op een laagtepunt, alleen vergelijkbaar met niveaus in 1993, 2006 en 2014. Dat duidt op zelfgenoegzaamheid.

De VIX-index is een maatstaf voor de bewegelijkheid van aandelen. Hoe lager deze index, hoe lager de markt de risico’s inschat. En dat lijkt een wat te optimistische visie op een wereld waarin grote onzekerheden bestaan. Hoe loopt het Italiaanse referendum over de grondwet af? Een ‘nee’ tegen een verandering in de grondwet kan uitmonden in een regeringscrisis in een land dat er economisch toch al niet zo florissant voor staat. En de Amerikaanse presidentsverkiezingen?

Verrassing?
Krijgen we Hillary Clinton als president of wordt het - net als met de Brexit – een verrassing en krijgen we toch Donald Trump? En hoe gaat het ondertussen in China met de transitie van een investeringsgeleide economie naar een diensten- en consumentgeleide economie? China piept en kraakt onder transitie en de renminbi daalt ondertussen verder. Genoeg onzekerheden dus, genoeg zaken om je zorgen over te maken.

De CRICR-cycle
Die zelfgenoegzaamheid, waar komt die dan vandaan? Robert Feldman – econoom bij Morgan Stanley - maakte bij de beschrijving van Japan gebruik van de door hem uitgevonden CRICR- cyclus: na een economische crisis volgen economieën een voorspelbaar patroon. Wanneer de crisis (C) uitmondt in paniek, dan volgt er een reactie (R) van de autoriteiten: zoals de reactie van de Fed op de crisis van 2008-2009 en de reactie van de ECB op de schuldencrisis in Europa. Met de maatregelen die de autoriteiten nemen, worden de symptomen bestreden. Er volgt verbetering, improvement (I). De economische data verbeteren, de koersen stijgen en men denkt zelfgenoegzaam: “zo, dat varkentje hebben we gewassen”. Dan treedt de fase van zelfgenoegzaamheid in, complacency (C). En omdat de structurele problemen niet zijn opgelost, volgt de volgende crisis (R van repeat).

Te makkelijk voor lief
Op 8 september jl. wees ster-obligatiebelegger Jeff Gundlach beleggers erop dat zij het huidige regime van goedkoop geld te makkelijk voor lief nemen. Met behulp van een grafiek liet hij zien dat bijna een kwart van het wereldwijde GDP tot stand komt in landen met een negatieve rente! Ondanks alle stimuli lijkt de groei van de wereldeconomie verder te vertragen. En ook de inflatieverwachtingen zijn aan deflatie onderhevig.

Uitgewerkt
Het monetaire beleid werkt niet meer, de positieve reactie is uitgewerkt. Centrale Banken vragen zich achter gesloten deuren af of ze hier nog wel mee door moeten gaan, want het positieve effect op groei en inflatie blijft uit. De negatieve effecten zijn wel voelbaar. Negatieve rentes brengen banken in een moeilijke positie. Zij zien hun business model onder druk komen. De depositorente kunnen ze niet veel verder verlagen, die is in veel landen nul of negatief, maar de negatieve lange rente zet de rente-inkomsten van banken onder druk. En het zijn juist de banken die meer moeten uitlenen om de economische groei aan te zwengelen.

Temperen
En zo zou het goed kunnen dat Centrale Banken in Europa en Japan even op de plaats rust houden en hun aankoopbeleid temperen. Dit kan druk op de rente zetten. Toen de verwachting post vatte dat de FED de aankoop van overheidsobligaties zou gaan temperen in 2013, steeg de lange rente in de Verenigde Staten in 3 maanden van 1,6% naar 3,0%! Die lage VIX zou ons dus zomer zand in de ogen kunnen strooien.

Deze column is eerder verschenen op DFT.nl