Als belegger kun je natuurlijk je vermogen in duurzame bedrijven investeren en daarna achterover leunen om te kijken hoe je geld groeit. Maar wie duurzaamheid serieus neemt, komt ook werkelijk in actie.

“Actief aandeelhouderschap houdt in dat je scherp let op wat er in een onderneming gebeurt en dat je actief werkt aan verbeteringen, zowel op het gebied van winstgevendheid als op het gebied van duurzaamheid”,  vertelt  Willem Schramade, duurzaamheidsspecialist bij Robeco. “Natuurlijk doen we dat door onze stem te laten horen op de algemene vergadering van aandeelhouders, als daar aanleiding voor is. Maar we gaan nog een stapje verder. We voeren informele gesprekken met de leiding van bedrijven waarin we investeren, waarbij we aandacht vragen voor ESG-aspecten [ESG = environmental, social and governance, red.]. En als het nodig is, schrijven we brieven over bepaalde zaken. Zo zijn we nu bijvoorbeeld bezig met een Amerikaans verpakkingsbedrijf, dat niet transparant is over zijn duurzaamheidsbeleid.  Door middel van een brief wijzen we het management daarop. We zijn aandeelhouders, dus maken we gebruik van ons recht om als mede-eigenaar mee te praten.”

Sommige duurzame beleggers kiezen voor een uitsluitingsprincipe: ze beleggen niet in branches, sectoren of organisaties die ze als niet-duurzaam beschouwen. “Wij kiezen daar bewust niet voor”, legt Schramade uit. “Als je niet belegt, kun je ook geen invloed uitoefenen. En juist waar de problemen groot zijn, is vaak het grootste potentieel voor verandering. Wij proberen het beleid indien en wanneer dat nodig is van binnenuit te veranderen. Bovendien vereist een uitsluitingsbeleid een bepaalde vorm van zwartwitdenken, terwijl wij liever in grijstinten denken. Natuurlijk beleggen wij ook niet in donkergrijs tot zwart, zoals bedrijven die clusterbommen maken. En we beleggen beslist niet in de ergste vervuilers, maar energie en mijnbouw bijvoorbeeld zijn risicovolle sectoren. We hebben een ethische ondergrens, maar we willen meestal hoger omdat het ook vaak beter is voor de bedrijfsvoering. Soms ontdek je pas bepaalde zaken als je de aandelen al hebt. Als iets je niet bevalt, kun je meteen verkopen. Maar je kunt ook proberen via je invloed als aandeelhouder zaken te veranderen. Een mooi voorbeeld is onze opstelling in de voedselindustrie. We worden er steeds beter in, ook dankzij onze samenwerking met dochtermaatschappij RobecoSAM.”

Behalve duurzaamheid is rendement natuurlijk een belangrijk criterium bij de invulling van de portefeuille. Schramade: “We zijn immers een vermogensbeheerder. Wij zijn ervan overtuigd dat een succesvol duurzaamheidsbeleid niet alleen leidt tot maatschappelijk rendement, maar ook tot financieel rendement. En daarbij kijken we niet alleen naar de cijfers van nu. Wie alleen naar de actuele cijfers kijkt, mist de rampen van de toekomst.”