Robeco gebruikt cookies om het websitebezoek te analyseren, om informatie via social media te kunnen delen en om de inhoud van de site en advertenties af te stemmen op uw voorkeuren. Door op akkoord te klikken of verder te gaan op deze site stemt u hiermee in. Meer informatie en cookie-instellingen aanpassen.

AKKOORD

Door verder te gaan heeft u toestemming gegeven voor het plaatsen en uitlezen van cookies op deze website. Meer informatie en cookie-instellingen aanpassen.

Wanneer moet ik vermogensbelasting betalen?

Wanneer moet ik vermogensbelasting betalen?

24 Jan 2017 | Uw Geld

Tussen 1 maart en 1 mei moet u de belastingaangifte over 2016 indienen. Dat geldt ook voor de belasting over het vermogen: de vermogensrendementsheffing.

Wanneer moet ik vermogensbelasting betalen?

Als de waarde van uw eigen vermogen boven de EUR 24.437 uitkomt, moet u daarover vermogensrendementsheffing afdragen. Het eigen vermogen bestaat uit spaargeld, beleggingen en andere bezittingen zoals een tweede huis. U mag daarvan schulden boven een drempelniveau van EUR 3.000 aftrekken. Het gedeelte van het vermogen dat na aftrek van de schulden boven de genoemde drempel van het heffingsvrij vermogen uitkomt, noemt de belastingdienst de ‘rendementsgrondslag sparen en beleggen’. De peildatum voor de heffing is 1 januari van het jaar waarover aangifte wordt gedaan.

Geldt mijn huis ook als eigen vermogen?

In de berekening van het eigen vermogen hoeft u de waarde van de woning en de hypotheekschuld niet mee te nemen. Wanneer u samen met een fiscale partner aangifte doet, verdubbelt het heffingsvrij vermogen waarover geen vermogensrendementsheffing betaald hoeft te worden van EUR 24.437 naar EUR 48.874. Ook het drempelniveau van de schulden die u van het eigen vermogen mag aftrekken, ligt dan dubbel zo hoog: EUR 6.000 in plaats van EUR 3.000.

Hoeveel vermogensbelasting moet ik betalen?

Over 2016 hanteert de belastingdienst een vermogensrendementsheffing van 1,2%. Die is opgebouwd als een belastingtarief van 30% over een fictief rendement van 4% per jaar. Dit fictieve rendement ligt veel hoger dan de huidige spaarrente. Een van de manieren om toch een dergelijk rendement te halen, is door te gaan beleggen. Over de afgelopen twintig jaar (1996 tot 2016) komt het gemiddelde rendement op een aandelenbelegging op 8,2%, terwijl dat voor een spaarrekening 2,8% is. Aan beleggen zijn kosten verbonden en u loopt het risico dat (een deel) van de inleg verloren gaat. De rendementen van sparen en beleggen door de jaren heen kunt u vergelijken in een speciale tool van Robeco. In het verleden behaalde rendementen vormen geen garantie voor de toekomst.

VOORBEELD

Voor een echtpaar met spaargeld van EUR 75.000 en zonder schulden komt het heffingvrij vermogen op EUR 48.874. Over de resterende EUR 26.126 – de rendementsgrondslag sparen en beleggen - wordt het tarief van 1,2% geheven. Het echtpaar moet (1,2% van EUR 26.126 =) EUR 313 vermogensbelasting betalen.

Meer weten over dit onderwerp bekijk ons dossier over vermogensbelasting.

  • Lees hier hoe de vermogensbelasting verandert in 2017
  • Lees hier hoe u de vermogensbelasting kunt verlagen
  • Lees hier meer informatie over beleggen
Onderwerpen gerelateerd aan dit artikel