• Sentiment aandelenmarkten en koppeling olieprijs afgenomen
  • Europese aandelen favoriet en accent op bedrijfsobligaties

Ontwikkelingen op de financiële markten
Direct nadat de Europese Centrale Bank (ECB) in maart bekendmaakte dat bedrijfsobligaties tot het stimuleringsprogramma van de ECB gingen behoren, stegen de koersen van deze obligaties al. In april was er weer een ECB-bijeenkomst, waar nadere details over de op te kopen obligaties bekend werden gemaakt. Deze vielen gunstiger uit dan vooraf was verwacht, wat een extra daling van de risico-opslag - en dus een verdere koersstijging - voor Europese bedrijfsobligaties tot gevolg had.

Herstel olieprijs zet door
Tegelijkertijd liep de olieprijs verder op. Inmiddels is de prijs van een vat Brent-olie sinds de start van het jaar ruim 20% gestegen, die van de Amerikaanse tegenhanger WTI zelfs 25%. In april kwamen de belangrijkste olieproducerende landen, verenigd in de OPEC, bij elkaar om te praten over een beperking van de olieproductie. Zoals verwacht kwam er niets uit omdat geen van de aanwezige landen ook maar iets wilde toegeven. Dat betekende niet dat de olieprijs weer daalde, integendeel.

Sentiment aandelenmarkten en koppeling olieprijs afgenomen
Waar eerder dit jaar de aandelenmarkten sterk profiteerden van een stijging van de olieprijs, bleven deze in april met de nodige beweeglijkheid juist dicht bij de slotstanden van maart. Deels wordt dat verklaard door de daling van de dollar. De Amerikaanse munt zakte in de loop van de maand weg ten opzichte van de euro naar een niveau van net onder de EUR/USD 1,15. Dat is aan de bovenkant van de bandbreedte waarbinnen de dollar al geruime tijd handelt. De ontwikkeling van de Amerikaanse economie is de laatste tijd niet heel indrukwekkend, maar daarvoor is een zwakkere dollar op termijn wel weer gunstig.

Sterkere yen drukt Japanse beurs
Ook ten opzichte van de Japanse yen werd de dollar zwakker. Dit laatste werd mede ingegeven door de handelwijze van de BOJ, de Japanse centrale bank. Die introduceerde een negatieve rente en zag af van een volgende ronde van monetaire verruiming. Dat was voor de markt een teleurstellende ontwikkeling. Het resultaat was dat de Japanse munt fors sterker werd en de Japanse aandelenindex sterk daalde.

Aandelen
De aandelenmarkten maakten in april weer een aantal opvallende sprongen. De Nederlandse AEX-index daalde in eerste instantie een aantal procenten, om vervolgens ruim 6% te stijgen. Die winst bleef niet behouden, zodat de index op vrijwel hetzelfde niveau de maand afsloot als waar deze mee begon. Dit beeld zagen we ook bij andere Europese aandelenbeurzen.

Handhaven neutrale weging voor aandelen
 In tijden dat de markten wat onrustig zijn, bieden high yield-obligaties naar onze mening een beter risico/rendementsprofiel dan aandelen. Opkomende markten profiteren van het verbeterde sentiment. We hadden deze categorie een flink lager gewicht gegeven, maar hebben dat in de afgelopen maand weer vrijwel gelijkgetrokken. We houden momenteel nog een lichte voorkeur voor ontwikkelde markten ten opzichte van opkomende markten, maar de verhouding is niet meer zo scherp. Voorlopig houden we alleen aandelen uit Europa voor een hoger dan gemiddelde weging in de portefeuille. Amerikaanse aandelen krijgen nu een neutraal gewicht. De weging van Azië-Pacific is naar neutraal gebracht door de toenemende twijfel over het economisch/monetaire beleid in Japan en de sterkere yen.

Obligaties
Op 7 april bereikte de Duitse tienjaarsrente bijna weer het laagste niveau (0,07%) van een jaar geleden. Daarna steeg de toonaangevende rentevoet in bijna drie weken naar 0,3%, wat een verdrievoudiging betekende! Dit bleef niet zonder gevolgen. Staatsobligaties lieten deze maand een negatief rendement optekenen. Staatsobligaties geven wij een lager dan gemiddeld gewicht. Voor Europese staatsobligaties verwachten we dat de rente op de langere termijn weer zal stijgen. Een stijgende rente betekent dat het rendement op staatsobligaties negatief zal zijn.

Bedrijfsobligaties blijven onze voorkeur hebben
Toen duidelijk werd dat het ECB-opkoopprogramma voor obligaties ruimer was dan werd verwacht, daalde de risico-opslag op bedrijfsobligaties van een hoge kwaliteit, die daardoor stegen in waarde. We verwachten dat deze ontwikkeling zich de komende periode voortzet en willen deze bedrijfsobligaties daarom voor een hoger dan gemiddeld gewicht aanhouden.

High yield-obligaties krijgen nog steeds een hoger dan gemiddeld gewicht. De risico’s, die bij een lagere olieprijs vrij hoog werden ingeschat, zijn als gevolg van de stijgende olieprijs nu behoorlijk afgenomen. Het (extra) risico voor beide categorieën bedrijfsobligaties is redelijk beperkt. Voor de categorie obligaties als geheel handhaven we een lichte onderweging.